Wat zeggen bezoekers over Museum 3.0?
Kunstmusea breken uit de muren van gebouwen en betreden de digitale ruimte. Apps en online tours maken nu deel uit van het vaste repertoire van kunsteducatie. Een enquête onder Duitse consumenten laat zien hoe deze trend wordt weerspiegeld in het publiek.
Op de website van het Rijksmuseum Amsterdam kan bijna elke tentoonstelling schermvullend worden ingezoomd. Het Melkmeisje van Johannes Vermeer uit 1660 staart verzonken naar de hoge-resolutie straal van melkwitte gelukzaligheid. Een leerlingbeweging verder strijdt een veld met een rode achtergrond om aandacht: dit schilderij is 10.806 keer „geliked“. Daarnaast moedigt een schaarsymbool reproductieve medeplichtigheid aan: „Wees creatief“, „Download dit werk“!
Digitale oppervlakken – apps op tablets en smartphones die in de handen van bezoekers door de zalen dwalen – zijn ook al lang een bekend kenmerk van museumruimtes. In feite is deze trend nauw verbonden met de exponentiële groei van bezoekersaantallen in veel kunstmusea. De Staatsgalerie Stuttgart telde 375.694 verkochte kaartjes in 2015, een stijging van 70 procent ten opzichte van het jaar daarvoor, bevestigt directeur Christiane Lange. Nieuwe technologieën – trefwoord „augmented reality“ – zijn al in opkomst. Maar kan deze trend, die gericht is op het virtuele, zich voortzetten?
Een enquête uitgevoerd door het marktonderzoeksinstituut Promio in opdracht van het mediatechnologiebedrijf fröbus onder 1068 Duitse consumenten illustreert de reacties die verschillende digitale bemiddelingsmethoden oproepen bij bezoekers:
Nabijheid of afstand tot het object
De resultaten van het onderzoek laten zien dat de digitale trend zich momenteel weer richting het object beweegt. In plaats van de werken schijnbaar dichtbij maar op afstand te houden door thuis op een scherm te klikken of ze te integreren in de tentoonstelling, krijgt de informatie die wordt overgebracht door 3D-visualisatie of projectie direct op het object steeds meer aandacht.
