Je moet twee keer kijken om te beseffen dat wat in de toekomst (in) onze steden zou kunnen bloeien, kunstbloemen zijn. De Nederlandse ontwerpster Matilde Boelhouwer noemt haar werk „Insectologie“.
OLYMPUS DIGITALE CAMERA
Voedselbron voor noodgevallen
Met haar „bloemen“ vestigt ze de aandacht op de achteruitgang van de insectenpopulatie en wil die tegelijkertijd tegengaan. Bestrijdingsmiddelen en de wens van gemeentes en particuliere tuinbezitters voor groen dat weinig onderhoud vergt, zorgen ervoor dat onze insecten steeds minder voedsel vinden. Boelhouwer ontwikkelde daarom op basis van uitgebreid onderzoek, samen met ingenieurs en wetenschappers, drie soorten kunstbloemen. Deze zijn qua vorm en kleur aangepast aan de voorkeuren van de vijf belangrijkste bestuivende insecten. Bijen en zweefvliegen hebben een voorkeur voor Asteraceae, vlinders en motten voor Fabaceae en hommels voor Lamiaceae. Boelhouwer wil dat de kunstbloemen „bloeien“ waar natuurlijke planten geen kans hebben. En zo insecten in geval van nood een voedselbron – suikerwater – bieden.
