De raam- en gevelspecialist Schüco uit Bielefeld zet zich consequent in voor de certificering van zijn producten volgens het Cradle to Cradle®-ontwerpconcept. We vroegen Stefan Rohrmus, Senior Expert Sustainability bij Schüco, naar de redenen hiervoor.
Stefan Rohrmus studeerde industriële techniek aan de TH Karlsruhe en is sinds 2017 als Senior Expert Sustainability bij Schüco verantwoordelijk voor productgerelateerde duurzaamheidsvraagstukken, waarbij hij zich richt op Cradle to Cradle en Responsible Sourcing. Foto: Schüco
BAUMEISTER: Schüco heeft nu 55 producten Cradle to Cradle (C2C) gecertificeerd. Wat drijft jullie om dit te doen?
STEFAN ROHRMUS: In onze ogen is het C2C-label momenteel de beste certificeringsstandaard voor recyclebare producten die je kunt volgen. Daarom zijn we al in 2013 begonnen onze producten te harmoniseren met deze richtlijnen, aanvankelijk op het niveau „Brons“ en sinds 2018 op het aanzienlijk veeleisender certificeringsniveau „Zilver“.
B : Schüco heeft veel complexe producten in zijn assortiment. Hoe moeilijk is het certificeringsproces?
S R : Hoewel onze producten vaak technisch complex zijn, zijn ze overwegend mechanisch. Ontmantelbaarheid speelt een centrale rol bij de cradle-to-cradle-certificering: de verschillende materialen moeten aan het einde van de levensduur van het product van elkaar kunnen worden gescheiden, zodat ze optimaal kunnen worden gerecycled. En ontmantelbaarheid zou eigenlijk de essentie van een mechanisch product moeten zijn. Het is een uitdaging om te voldoen aan de hoge eisen die worden gesteld aan de gezondheid van de gebruikte materialen.
B : Hoe heeft de focus op C2C-certificering de ontwikkeling bij Schüco veranderd?
S R : We beginnen nu helemaal bij het begin: Het ontwikkelingsproces voor elk product bij Schüco wordt georganiseerd aan de hand van zogenaamde mijlpalen. De eerste mijlpaal is het opstellen van de specificaties, en sinds 2019 is de eis voor recyclebaarheid daar al in vastgelegd.
B : Welke voordelen biedt de Cradle to Cradle-certificering voor de gebruiker van Schüco-producten?
S R : Ten eerste transparantie, omdat de recyclebaarheid wordt bepaald door externe experts. Daarnaast zijn er waardevolle extra punten te verdienen in duurzaamheidsbeoordelingssystemen voor gebouwen – zoals LEED en DGNB – door C2C-producten te gebruiken. Op de middellange termijn gaan we er ook van uit dat de ecologische eisen in de architectuur merkbaar strenger zullen worden. In sommige landen zijn levenscyclusanalyses al verplicht voor nieuwe gebouwen. BIM betekent dat bouwprocessen steeds beter traceerbaar worden, bijvoorbeeld met betrekking tot product- en materiaalpaspoorten. Specificaties voor bouwchemicaliën worden steeds veeleisender. Al deze factoren zullen belangrijke drijfveren worden voor recyclebare producten.
B : Welke stappen onderneemt Schüco, naast de C2C-certificering, om zijn ecologische voetafdruk te verkleinen?
S R : We hebben onszelf ambitieuze doelen gesteld op het gebied van CO2-reductie. Voor ons spelen de materialen natuurlijk een rol – vooral aluminium is zeer energie-intensief om te produceren. Daarom zijn we ook stichtend lid van het Aluminium Stewardship Initiative, een multistakeholderinitiatief van bedrijven en maatschappelijke organisaties die zich hebben geëngageerd tot veeleisende milieu- en sociale normen in de hele toeleveringsketen van aluminium.
